Wanbetaling is nooit helemaal te voorkomen, maar opletten helpt! |
| 01-28-2011 |
Voorkomen dat een klant zijn rekening niet betaalt? Led-verlichtingsleverancier M.V. denkt niet dat het kan. 'Je kunt een opdrachtgever vooraf laten betalen. Maar bij terugkerende klanten doe je dat niet. Dan beschadig je de vertrouwensband. Het is een ondernemersrisico. Er zullen altijd rotte appels tussen zitten.'
V. is eigenaar van een bedrijf dat Led-verlichting levert en installeert. Een opdrachtgever uit de horeca weigerde vorig jaar een rekening van €. 1.200,- te betalen. hij reageerde niet op dringende brieven die V. verstuurde. 'Ik stapte naar een gerechtsdeurwaarder, maar die kon niets doen. Die man bleek helemaal niet bevoegd te zijn om mij in te huren. De eigenaar zei tegen me; "Ik heb niets met jou te maken".'
Het verhaal van V. staat niet op zichzelf. Nederlandse ondernemers hebben voor €. 1,2 mrd aan onbetaalde rekeningen liggen, 15% meer dan vorig jaar, zo blijkt uit de jongste cijfers van de Nederlandse Vereniging van Incasso-ondernemingen. Vooral voor het midden- en kleinbedrijf zijn slechtbetalende klanten een aanzienlijke schadepost.
Zelfstandigen zonder personeel zitten helemaal in een kwetsbare positie. Zij zijn voor hun inkomsten vaak afhankelijk van een handvol opdrachtgevers en durven gedoe over een onbetaalde rekening niet op de spits te drijven. 'De tarieven van zzp'ers staan onder druk, banken doen lastig over kredietverstrekking. Als dan ook sprake is van een wanbetaler, is de nood al snel hoog', zegt Belangenvereniging Platform Zelfstandige Ondernemers.
MKB-Nederland vindt het thema belangrijk genoeg om het komend jaar op te pakken met workshops en voorlichting. 'Preventie is een speerpunt. In het licht van de crisis is cashflow nu belangrijk. Een ondernemer zit met kredietlijnen vast aan een bank en moet ervoor zorgen dat hij voldoende liquide blijft.'
Voor wie niet zelf achter wanbetalers aan wil, is er een waaier aan dienstverleners. Incassobureaus, gerechtsdeurwaarders, advocaten en handelaren in vorderingen. Elk heeft zijn voor- en nadelen. Bij kleine bedragen zal een ondernemer de kosten van de procedure moeten afwegen tegen de opbrengsten. Ook de haalbaarheid speelt mee en de tijd en energie die een ondernemer bereid is in de afwikkeling te steken. Led-verlichtingsleverancier V., die een relatief klein bedrag moest zien terug te halen zocht zijn heil op internet. Hij stuitte op Verkoopjevordering, een bureau dat vorderingen opkoopt, hij kreeg €. 200,- voor die onbetaalde rekening van €. 1.200,-. Beter dan niets, zegt V. 'Ik stond voor de keus: mijn verlies nemen, of toch iets terugkrijgen. De kosten van de juridische procedure had ik er nooit uitgehaald.'
Een ondernemer krijgt bij Verkoopjevordering veelal minder dan de helft van de vordering terug. 'In de factuur zit vaak marge ingecalculeerd' relativeert één van de oprichters. 'Een ondernemer schiet er dan minder bij in dan hij denkt. Bovendien heeft hij er geen omkijken meer naar. Hij kan weer verder met zijn zaak.'
Bij grote vorderingen (duizenden euro's over meer) kan het lonen eerst een incassobureau in te schakelen. Het bureau zal de druk op de debiteur opvoeren met telefoontjes en schriftelijke aanmaningen. Vaak is één strenge brief al een prikkel om te betalen. Ondernemers moeten wel opletten met wie ze in zee gaan. Incassobureaus genieten geen wettelijke status, iedereen kan er één beginnen. Er zijn er ongeveer 150 in Nederland. 'Een schuld innen moet fatsoenlijk gebeuren.'
Incassobureaus zijn niet bevoegd wettelijke dwangmiddelen te gebruiken, zoals beslaglegging. Deurwaarders zijn dat wel. Voor dagvaarden en executoriaal beslag leggen is bijna altijd een vonnis van een rechter nodig. De kosten van een incasso (gemiddeld 15% van geldvorderingen tot €. 2.500,-), griffiekosten en deurwaarderskosten worden meestal toegewezen aan de debiteur. Dat neemt niet weg dat als een debiteur niet betaalt of onvindbaar is, de schuldeiser voor de gemaakte kosten opdraait. Er zijn wel partijen die op basis van no cure, no pay werken, maar die zullen uiteraard de meest risicoloze zaken aannemen.
Een ondernemer kan zelf naar de rechter stappen. Geldvorderingen tot €. 5.000,- worden behandeld door de kantonrechter. Een advocaat is niet nodig, een schuldeiser kan zichzelf vertegenwoordigen of daar een incassobureau, een juridisch adviseur of deurwaarder voor inschakelen.
Bij hogere bedragen is een gang naar de rechtbank vereist en zijn de diensten van een advocaat verplicht. De juridische kosten lopen dan weer op. Lid zijn van een belangenorganisatie kan helpen de kosten te drukken.
Let wel: succes bij de rechter is geen garantie dat een ondernemer zijn geld terugziet. Een debiteur kan onvindbaar zijn of een zwakke vermogenspositie hebben. Een ondernemer zal zijn verlies moeten nemen of hij kan proberen de vordering te verkopen.
Verkoopjevordering beaamt dat zij al veel vorderingen aangeboden krijgen waarover een rechter al vonnis heeft gewezen. Het merendeel wijzen zij af omdat ze niet inbaar blijken te zijn. 'Er zitten heel gewiekste debiteuren tussen die niets op hun naam hebben staan. Die zijn je altijd een stapje voor.'
De beste remedie tegen wanbetaling is preventie zegt ZZP Nederland. 'Wij komen gevallen tegen waarbij er niet eens een contract is opgesteld met een opdrachtgever. Of dat er een onrealistisch korte betalingstermijn van acht dagen op een factuur staat. Maak daar om te beginnen dertig dagen van. Stel altijd een contract op. En zorg dat je een financiële buffer hebt.